|
|
"Ik wil je vannacht niet in mijn huis hebben!" De buurman hoorde dat de wrede vrouw haar voordeur opende. Toen hoorde Hij de kat schreeuwen en jammeren alsof de vrouw haar op straat gooide. Toen, sloeg zij de deur dicht. De buurman wachtte even om er zeker van te zijn, dat de vrouw niet weer naar buiten zou komen. Toen ging Hij de straat op. Daar was de kat, die zielig voor de deur van de vrouw zat. De kat was aan het schreeuwen
en snuffelde bij de deur en hoopte dat Toen hij thuis was vulde hij een bord met wat eten en gaf dat aan de kat. De kat at dat hongerig. Het bord was al spoedig leeg. De buurman vulde het opnieuw. En weer at de kat alles vlug op. Maar tenslotte had de kat genoeg gegeten en ging op de grond liggen en viel in een diepe slaap. De volgende ochtend kon de wrede vrouw haar kat niet vinden. Ze keek overal. Ze zocht in de straat, ze zocht op de markt.
|
|
|
| ||