Home
 

Het gezantschap en het verkondigen van de boodschap voorafgaand aan het gezantschap en de tekenen van voorspoed 

Door de genoemde feiten werd het verschil in denkwijze steeds groter tussen de profeet, Allah's zegen en vrede zij met hem, en de mensen van zijn stam. De verdorvenheid en ondeugdzaamheid die zij verrichtten baarde hem zorgen, hij trok zich steeds meer terug en verkoos  de eenzaamheid terwijl hij zich bezig hield met de weg die hen zou kunnen redden. 

Zijn bezorgdheid nam alleen maar toe, maar ook zijn wil werd sterker en hij werd ouder. Alsof het iets was dat hem tot die eenzaamheid leidde. Hij begon zich meer en meer terug te trekken in de Hiraa'e-grot(1), hield  zich bezig met het aanbidden van Allah volgens de restanten van de religie van Ibrahiem, vrede zij met hem. Hij deed dit een maand per jaar, de maand Ramadan. Zodra deze maand voorbij was vertrok hij 's ochtends naar Mekka, verrichtte de "tawaaf", het lopen rond de Ka'bah, en ging daarna naar zijn woning. De profeet, Allah's zegen en vrede zij met hem, heeft dit drie jaar lang gedaan. 

De meeste profeten werden gezonden zodra zij de leeftijd van veertig jaar hadden bereikt, het is de leeftijd van volmaaktheid en volwassenheid. Toen de profeet, Allah's zegen en vrede zij met hem, zelf deze leeftijd had bereikt begonnen de tekenen van gezantschap en voorspoed aan hem te verschijnen. Wat hij droomde vond later ook in werkelijkheid plaats, hij zag het licht en

hoorde stemmen en heeft wel eens hierover gezegd: 

'Ik herkende nog een steen in Mekka, die mij begroette voordat ik  was gezonden'.  

_______________________

(1) Hiraa'e: Dat was de naam van de huidige A-noer-berg die op een afstand van ongeveer twee mijlen van Mekka ligt. De grot ligt links aan de top van de berg. Het is een klein grot die iets  minder dan vier meter lang en ongeveer anderhalve meter breed is.

Vorige  ||  Hoofdstuk 3  ||  Terug naar de index  |





Hadith:

Aboe Maalik al-Haarith ibn ‘Aasim al-Ash’aarie

verhaalt dat de Boodschapper van Allah zei: “Reinheid is de helft van het geloof en het zeggen van ‘alle lof behoort aan Allah’ vult de weegschaal van de goede daden en (het zeggen van) ‘heilig is Allah en alle lof behoort Allah” vult de aarde. De Salaat is licht en liefdadigheid is een bewijs van het geloof: geduld is een gloed en de Koran is of een pleidooi voor je of tegen je. Ieder mens verlaat in de ochtend zijn huis en zet zijn ziel op het spel: hij verlost of verliest haar.”(Moeslim)

Rawdatul-Anoir  Alle auteurs en vertaalrechten zijn voorbehoud aan Stichting Alwaqf Alislami te Eindhoven 
 

No Copyright © 1423-2002 www.al-islaam.com, Inc. No rights reserved.